EEN FABRIEK VAN POËZIE (4/17)

331 - "wereldkroniek" - Collage - A4



EXEMPLAAR

Wees kalm, wees democratisch met hem.
Neem niet de plaats in van zijn hart, betreed
zijn voeten niet,
noch zijn zee, noch zijn duinen. De man,

hij rust aan het strand
als een gedocumenteerd weekblad,
als een geïllustreerde wereldkroniek
strekt hij zich uit;
betreed hem niet, wees democratisch met hem.

Aanzie zijn lichaam:
oprijzend uit de krant zijn knie,
geringe rots van kabbala
waarop hij lezen heeft geleerd
en zijn hoofd die somnambule ballon
gevuld met vogels van advertenties
waarmee hij denken heeft geleerd.

Boven hem sjilpt de zee, ritselt
als de deur van papier waardoor
hij 's avonds uit zijn dromen weerkeert.
Het donkert in het papier en de kleur
is de kleur van koorts en de temperatuur
is de temperatuur van verdriet.

Kreunend vouwt hij zich om:
'ik heb pijn in mijn Parijs, en o,
de Jang tse Kiang stroomt over in mijn ogen,
er verdrinken 30.000 Chinezen in mijn ogen,
gisteren werd een Hongaar op mijn arm gemarteld,
vandaag in mijn lies een Algerijn geëlektrocuteerd -
En geen spierlezer kan hem helpen,
geen dichter troosten
met woorden.

Wie wil kan dit blad omslaan,
gaan zonnebaden in een observatorium,
wegpeddelen in een boek, zijn tanden
blootlachen van iridium en zeggen:
hoor, de wind is een oratorium, ik voel de meeuwen van geest in mij.

Hij hulle zich in een avondblad,
hij douche zich in een ochtendblad.

Maar geen spierlezer zal hem helpen,
geen dichter van woorden dienen.


Sybren Polet, Gedichten 1998-1948, ISBN 9023448170, p. 453-454
Een reactie posten

Populaire posts